Vergiftiging en verandering in de chemische watersamenstelling;

Vervuilde beek

Verontreiniging door toxische stoffen en de effect daarvan op de visfauna hebben diverse gezichten. Vissterfte is daar slechts een van, maar het wijst wel op de meest acute vorm van vergiftiging. Vaak echter hebben we te maken met uitgestelde effecten, door de langzame accumulatie van giftige, weinig of met afbreekbare stoffen in de vis. Pesticiden, PCB's en te zuur water tasten de vruchtbaarheid van geslachtsrijpe vissen aan. De nauwelijks waarneembare sterfte bij jonge levensstadia van vis (ei, embryo, larve) ten gevolge van zware metalen en andere organische micro polluenten is een ander belangrijk gevolg van chemische waterverontreiniging. Dergelijke "onzichtbare" vergiftigingen worden bij visstandonderzoek soms herkend door het ontbreken van complete jaarklassen in de vispopulatie.

In dit artikel hebben we het vooral over de duidelijk waarneembare gevolgen van acute vergiftiging, waarbij plotseling talrijke vissen van diverse soorten en grootteklassen sterven.

De nog levende vissen zijn meestal onrustig, maken vreemde tollende of draaiende bewegingen of lijken het water te willen ontvluchten. Daarbij scheiden de kieuwen en huid dikwijls een dikke slijmlaag af. Toxische producten verspreiden zich snel in water. Meestal zijn alle vissen die er mee in contact komen ten dode opgeschreven. Het overbrengen van exemplaren die reeds symptomen vertonen naar zuiver water, is daarom weinig zinvol. Het onderzoek van dode of stervende vissen aan het water laat meestal met toe de aard van de giftige stof te bepalen. Door een plaatselijke enquête kan men proberen de vermoedelijke vervuilingsbron aan te duiden. Dit kan een later laboratoriumonderzoek, vergemakkelijken.