Schommelingen in de zuurtegraad;

De zuurtegraad of pH wordt uitgedrukt in een getallenreeks, die loopt van 0 tot 7 (zuur water) en van 7 tot 14 (basisch of alkalisch water). De pH van het water is een zeer belangrijke parameter, omdat hij bepalend is voor het algemeen leefmilieu van de vis.
De zuurtegraad van het water wordt be´nvloed door:

De meeste zoetwatervissen verdragen een zuurtegraad van het water tussen pH 6,5 en 8,4. Afhankelijk van andere factoren zoals de temperatuur en het zuurstofgehalte, maar ook door gewenning, kan de tolerantie uitgebreid worden tot buiten dit gebied. Lichte verschuivingen naar alkalisch water worden doorgaans beter verdragen dan verschuivingen naar zuur water. Van bepaalde uitheemse soorten zoals do zonnebaars en de goudvis is echter gekend dat ze in behoorlijk zuur water kunnen overleven.

Voor onze inheemse zoetwatervissen kan een pH van 5 als bangste grens aanzien worden. Oudere vissen verdragen een pH afwijking langer dan jonge exemplaren.

De schadelijkheid van afwijkingen in de zuurtegraad uit zich door bruinkleuring van de kieuwranden, die zich voortzet over de gehele kieuw. Het kieuwweefsel zet op en er vindt een sterke slijmafscheiding (natuurlijke afweerreactie) plaats. Ook een melkachtige vertroebeling van de huid en de ogen, het loskomen van de dikke slijmhuid (vooral bij lage pH) en roodkleuring van de buik wijzen op zuurtegraad vergiftiging. De vissen zwemmen nog nauwelijks rond en er treedt vaak schimmelvorming op.

Schommelingen in de zuurtegraad hebben ook onrechtstreeks gevolgen voor vissen. De pH be´nvloedt namelijk de toxiciteit van andere stoffen in het water zoals zware metalen of bepaalt de aanwezigheid van giftige gassen zoals ammoniak.

Al naargelang de situatie (hoge of lage pH) kunnen volgende maatregelen worden ondernomen om de zuurtegraad te regelen: